Uitspraak
1.[gedaagde sub 1] ,
2.
[gedaagde sub 2],
3.
[gedaagde sub 3],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord van 1 december 2025, met producties 1 t/m 5,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De woningcorporatie De Goede Woning verhuurt sinds 2016 een woning aan gedaagde sub 1. Deze huurovereenkomst bevat bepalingen dat de huurder de woning als hoofdverblijf moet gebruiken en zonder toestemming niet meer dan één kamer mag onderverhuren.
Gedaagde sub 1 heeft in 2022 een koopwoning verkregen en verblijft sindsdien minder in de gehuurde woning, terwijl gedaagde sub 2 en sub 3 meerdere kamers gebruiken. De Goede Woning stelt dat hierdoor de huurder tekortschiet in zijn verplichtingen en vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming.
De kantonrechter oordeelt dat gedaagde sub 1 onvoldoende heeft gemotiveerd dat hij de woning als hoofdverblijf gebruikt. Het primaire verweer dat sprake is van hospitaverhuur wordt verworpen, evenals het subsidiaire verweer van een onderhuurovereenkomst voor zelfstandige woonruimte. De huurovereenkomst wordt ontbonden en ontruiming binnen zes maanden bevolen, met een gebruiksvergoeding vanaf oktober 2025.
De belangen van minderjarige kinderen worden meegewogen, maar de situatie rechtvaardigt geen voortzetting van de huurovereenkomst. De proceskosten worden aan gedaagden opgelegd en de ontruiming wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming binnen zes maanden met betaling van gebruiksvergoeding en proceskosten.