Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft op 27 augustus 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De aanvraag was op 24 april 2024 ingediend en de beslistermijn was op grond van de Vreemdelingenwet 2000 vastgesteld op 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, waardoor uiterlijk op 23 oktober 2024 een besluit genomen had moeten zijn.
Eiseres stelde de minister op 23 oktober 2024 in gebreke, maar dit was nog binnen de beslistermijn, waardoor de ingebrekestelling prematuur was. Volgens artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan beroep pas worden ingesteld nadat twee weken zijn verstreken na ontvangst van een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan.
De rechtbank oordeelt dat aan deze vereisten niet was voldaan op het moment van het instellen van het beroep, waardoor het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager en griffier S. Mohandes op 2 april 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.