ECLI:NL:RBDHA:2026:8208
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Erfgrens geschil tussen buren bevestigd volgens Kadaster, overige vorderingen afgewezen
Eisers en gedaagden zijn buren met een geschil over de precieze ligging van hun erfgrens. Eisers betwist de recent door het Kadaster vastgestelde grens en vordert onder meer dat de feitelijke grens wordt vastgesteld op basis van eigendom of verjaring, dat gedaagden medewerking verleent aan notariële vastlegging, en dat gedaagden onrechtmatig gedrag staakt en bomen en schutting verwijdert.
De rechtbank oordeelt dat de eigendomsakte van eisers slechts recht geeft op het kadastrale perceel en dat eisers onvoldoende heeft onderbouwd dat de Kadastergrens onjuist is. Ook is niet gebleken dat eisers door verjaring eigenaar is geworden van grond die kadastraal tot gedaagden behoort. De vorderingen over onheus gedrag zijn onvoldoende onderbouwd en worden afgewezen.
De vordering tot verwijdering van bomen wordt afgewezen omdat een gemeentelijke verordening een kleinere afstand tot de erfgrens toestaat en de vermeende gevaarlijke boom regelmatig wordt gecontroleerd. De vorderingen tot verwijdering en herplaatsing van de schutting worden afgewezen omdat geen nieuwe erfgrens wordt vastgesteld, maar de rechtbank raadt partijen aan in onderling overleg een schutting op de bestaande erfgrens te plaatsen.
Eisers wordt veroordeeld in de proceskosten, die forfaitair worden vastgesteld, omdat geen sprake is van misbruik van procesrecht. Het vonnis bevestigt de Kadastergrens als erfgrens en wijst alle overige vorderingen af.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de Kadastergrens als erfgrens en wijst alle overige vorderingen van eisers af.