ECLI:NL:RBDHA:2026:8234
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.R. van der Winkel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring en uitzetting vreemdeling
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, is sinds 22 oktober 2025 in bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de bewaring tot 22 januari 2026 bevestigd. De beoordeling richt zich daarom op de periode daarna. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn en dat de minister onvoldoende voortvarend is. De rechtbank oordeelt echter dat de minister voldoende inspanningen verricht, waaronder geplande persoonlijke presentaties bij de Gambiaanse autoriteiten en regelmatige rappel bij deze autoriteiten.
Eiser weigert mee te werken aan de presentaties, waardoor het onderzoek naar zijn identiteit vertraagt. Ook heeft hij onvoldoende inspanningen geleverd om zijn paspoort te verkrijgen. De rechtbank acht het voortduren van de bewaring daarom niet onrechtmatig en wijst het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.