Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:8351

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
9 april 2026
Publicatiedatum
9 april 2026
Zaaknummer
C/09/700515 KG ZA 26-212
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:300 BWArt. 430 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis tot medewerking verkoop en ontruiming woning met contact- en gebiedsverbod

In deze kortgedingprocedure heeft de vrouw de man gedagvaard wegens weigering mee te werken aan de verkoop van hun gezamenlijke woning. De man is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De voorzieningenrechter oordeelt dat de vordering van de vrouw gegrond is en veroordeelt de man tot onvoorwaardelijke medewerking aan de verkoop, waaronder het geven van een verkoopopdracht aan een makelaar en het toelaten van bezichtigingen.

Daarnaast wordt bepaald dat bij niet-nakoming het vonnis in de plaats treedt van de benodigde toestemming van de man ex artikel 3:300 BW Pro. De man wordt veroordeeld tot het verlenen van medewerking aan alle noodzakelijke handelingen voor verkoop en levering, met een dwangsom van €500 per dag bij niet-nakoming, tot een maximum van €50.000.

Voorts wordt de man bevolen de woning bezemschoon te ontruimen binnen zeven dagen na weigering van medewerking, met de mogelijkheid voor de vrouw om ontruiming te effectueren met behulp van justitie. Tot slot worden contactverboden en gebiedsverboden opgelegd voor een periode van maximaal achttien maanden, met een dwangsom bij overtreding. Iedere partij draagt haar eigen proceskosten.

Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot medewerking aan verkoop en ontruiming van de woning met dwangsommen en contact- en gebiedsverboden.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/700515 / KG ZA 26-212
Vonnis in kort geding van 9 april 2026
in de zaak van
[de vrouw]te [woonplaats] ,
eiseres,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat mr. M.Y.M. Renken,
tegen:
[de man]te [woonplaats] ,
gedaagde,
hierna te noemen: de man,
niet verschenen.

1.De procedure

./. 1.1. De vrouw heeft de dagvaarding doen uitbrengen overeenkomstig de aangehechte kopie en heeft tijdens de mondelinge behandeling van 26 maart 2026 bij de daarin opgenomen eis volhard.
1.2.
De man is behoorlijk opgeroepen voor die mondelinge behandeling, maar hij is daar niet verschenen. Tegen de man is verstek verleend.

2.De beoordeling van het geschil

2.1.
De vordering komt de voorzieningenrechter noch onrechtmatig noch ongegrond voor en wordt daarom – op de wijze zoals hierna vermeld – toegewezen.
2.2.
Oplegging van dwangsommen als stimulans tot nakoming van de te geven beslissing, is aangewezen. De op te leggen dwangsommen zullen worden gemaximeerd.
2.3.
In de omstandigheid dat partijen op dit moment nog gehuwd zijn, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om te bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
3.1.
veroordeelt de man tot medewerking aan de verkoop van de woning aan de [adres 1] , waarbij de man binnen een week na betekening van dit vonnis zijn onvoorwaardelijke medewerking zal moeten verlenen aan het geven van een opdracht tot verkoop van de woning aan één van de in randnummer 15 van de dagvaarding genoemde makelaars, waarbij de voorkeur uitgaat naar de heer [naam] van [makelaar] te [plaats] , waarbij ook wordt bedoeld een potentiële bieding op grond waarvan de makelaar adviseert deze te accepteren;
3.2.
bepaalt dat op het moment waarop de man niet voldoet aan de veroordeling onder 3.1 binnen de gestelde termijn, dit vonnis in de plaats treedt van zijn benodigde instemmende wilsverklaring dan wel toestemming van de man voor het geven van de verkoopopdracht aan de makelaar en de verkoop van de woning ex artikel 3:300 BW Pro;
3.3.
veroordeelt de man om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis zijn onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan alle handelingen die de makelaar noodzakelijk acht, partijen opdraagt en aanraadt, waaronder onder andere, maar niet limitatief, valt:
  • het toelaten van de verkoopmakelaar ten behoeve van het waarderen van de woning en het maken van verkoopfoto’s;
  • het toelaten van potentiële kopers/kijkers in de woning, zodat bezichtigingen kunnen plaatsvinden, al dan niet via een open huis, waarbij de man zelf gedurende de bezichtiging de woning verlaat;
  • de woning goed schoon te houden, te onderhouden en te zorgen dat de woning in goede staat is, ter bevordering van de verkoop;
  • het toelaten van een makelaar/taxateur na verkoop van de woning ten behoeve de taxatie voor de kopende partij;
  • het tekenen van het (voorlopig) koopcontract;
3.4.
bepaalt dat op het moment waarop de man zich niet houdt aan de veroordeling onder 3.3, de man een dwangsom verbeurt van € 500,- per dag of dagddeel waarop hij niet voldoet aan de veroordeling onder 3.3, tot een maximum van € 50.000,-;
3.5.
veroordeelt de man om binnen 48 uur na berichtgeving van de notaris over de levering van de woning aan de potentiële kopers zijn onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan alle handelingen die dienen te worden verricht door de notaris om de notariële levering van de woning aan de kopende partij te regelen;
3.6.
bepaalt dat op het moment waarop de man niet voldoet aan de veroordeling onder 3.5 binnen de gestelde termijn, dit vonnis in de plaats treedt van de benodigde instemmende wilsverklaring dan wel toestemming van de man voor de verkoop en levering van de woning ex artikel 3:300 BW Pro;
3.7.
beveelt de man om de woning aan de [adres 1] te ontruimen, met medeneming van al zijn persoonlijke zaken die nodig zijn voor zijn dagelijkse verzorging en de woning bezemschoon achter te laten, binnen 7 dagen na weigering zijn medewerking te verlenen zoals bedoeld onder 3.3, waarbij geldt dat uit de wet volgt dat wanneer de man zijn medewerking weigert de vrouw gemachtigd is om zo nodig de ontruiming te bewerkstelligen met behulp van de sterke arm justitie en politie;
3.8.
verbiedt de man gedurende de periode tot aan de verkoop en levering van de woning van partijen, met een maximum van achttien maanden na betekening van dit vonnis – anders dan via zijn advocaat – persoonlijk, schriftelijk, telefonisch of anderszins contact op te nemen met de vrouw, hetzij direct, hetzij via derden;
3.9.
verbiedt de man gedurende de periode tot aan de verkoop en levering van de woning van partijen, met een maximum van achttien maanden na betekening van dit vonnis, om zich te bevinden:
  • binnen een straal van ongeveer 100 meter van de huidige verblijfplaats van de vrouw aan het [adres 2] , en
  • binnen een straal van ongeveer 100 meter van de werkplek van de vrouw aan de [adres 3] , en
  • in het geval de man de echtelijke woning heeft moeten ontruimen; binnen een straal van ongeveer 100 meter van het adres [adres 1] ,
waarbij geldt dat uit artikel 430 Rv Pro volgt dat deze gebiedsverboden zo nodig zijn te doen naleven met behulp van de sterke arm van justitie en politie;
3.10.
veroordeelt de man om aan de vrouw een dwangsom te betalen van € 500,- voor iedere keer dat hij niet aan een van de verboden onder 3.8 en 3.9 voldoet, met een maximum van € 50.000,-;
3.11.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.12.
bepaalt dat iedere partij de eigen kosten draagt;
3.13.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.R. Glass en in het openbaar uitgesproken op 9 april 2026.
JvL