ECLI:NL:RBDHA:2026:8378
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Spanje onder Dublinverordening
Eiser, een Pakistaanse asielzoeker, diende op 30 oktober 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Uit Eurodac-onderzoek bleek dat hij op 1 februari 2025 al een verzoek om internationale bescherming in Spanje had ingediend. Nederland verzocht Spanje om zijn terugname, wat Spanje accepteerde. Verweerder nam de asielaanvraag niet in behandeling op grond van de Dublinverordening.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege structurele tekortkomingen in de Spaanse opvang, onderbouwd met het AIDA-rapport van april 2025 en een Europese inbreukprocedure. Hij stelde dat hij geen toegang had tot opvang en medische zorg in Spanje en daarom naar Duitsland moest reizen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen had geleverd dat hij bij overdracht aan Spanje een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. De verwijzingen naar het AIDA-rapport en de inbreukprocedure bereikten niet de hoge drempel van zwaarwegendheid. Ook de persoonlijke omstandigheden van eiser boden onvoldoende grond om het besluit te herzien.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het bestreden besluit in stand. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.