ECLI:NL:RBDHA:2026:850
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvragen wegens ongeloofwaardig asielrelaas en geen reëel risico op vervolging in Venezuela
Eisers, twee Venezolaanse vrouwen, hebben asiel aangevraagd in Nederland vanwege vermeende problemen die samenhangen met het werk van hun zoon en broer in Venezuela. De minister van Asiel en Migratie heeft hun aanvragen afgewezen omdat hij de verhalen over bedreigingen en incidenten niet geloofwaardig achtte en concludeerde dat er geen gegronde vrees voor vervolging of reëel risico op ernstige schade bij terugkeer bestaat.
De rechtbank heeft de beroepen behandeld en geoordeeld dat de minister zijn besluiten voldoende heeft gemotiveerd. De verklaringen van eiseres 1 over de problemen vanwege het werk van haar zoon zijn niet aannemelijk, mede omdat zij weinig concrete details kon geven en de beschieting van haar huis niet overtuigend kon onderbouwen. Ook de problemen van eiseres 2 met collega’s van haar broer zijn niet geloofwaardig bevonden.
De rechtbank volgt de minister in zijn oordeel dat het asielrelaas onvoldoende steun vindt in de feiten en dat de situatie in Venezuela niet zodanig is dat eisers aanspraak kunnen maken op bescherming. De beroepen worden daarom ongegrond verklaard en de bestreden besluiten blijven in stand. Eisers krijgen geen verblijfsvergunning en moeten Nederland verlaten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvragen wegens ongeloofwaardig asielrelaas en geen gegronde vrees voor vervolging.