ECLI:NL:RBDHA:2026:9121
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf voor pleegkinderen bij grootmoeder
Eisers, twee minderjarige Eritrese kinderen, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan om bij hun grootmoeder in Nederland te verblijven. De grootmoeder, die sinds 2022 in Nederland woont, stelde dat zij de kinderen heeft opgevoed en verzorgd nadat hun moeder vertrok. De minister wees de aanvraag af omdat eisers niet voldeden aan het pleegkinderenbeleid en de familierechtelijke relatie niet aannemelijk was gemaakt.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft geoordeeld dat er geen hechte persoonlijke banden zijn tussen eisers en de grootmoeder. De overgelegde verklaringen van het dorpsbestuur waren onvoldoende betrouwbaar en de grootmoeder kon haar verzorgende rol niet overtuigend onderbouwen met documenten of foto’s. Ook was het contact tussen de grootmoeder en eisers pas recent en onvoldoende aangetoond.
Verder was het niet nodig om eisers zelf te horen, omdat de grootmoeder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij de verzorging op zich nam en dat de ouders buiten beeld zijn. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee de afwijzing van de mvv-aanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.