ECLI:NL:RBDHA:2026:9317

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 april 2026
Publicatiedatum
17 april 2026
Zaaknummer
NL25.45823
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur beroep tegen besluitmoratorium Syrië

Eiser heeft op 22 september 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 16 januari 2024. Verweerder werd verantwoordelijk voor de behandeling op 27 september 2024. De rechtbank oordeelt dat het beroep buiten behandeling moet blijven omdat het niet tijdig is ingesteld.

Het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium Syrië is van toepassing op de asielaanvraag van eiser, die de Syrische nationaliteit heeft. Dit moratorium liep van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de beslistermijn was opgeschort en pas op 14 juni 2025 werd hervat. De beslistermijn eindigde op 28 september 2025.

Eiser stelde verweerder op 29 juli 2025 in gebreke, terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor was het beroep prematuur en volgens artikel 6:12 Awb Pro niet-ontvankelijk. De rechtbank wijst het beroep af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het besluitmoratorium en prematuriteit.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.45823

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. R. Deniz),
en
de minister van Asiel en Migratie, [1] verweerder.

Inleiding

Eiser heeft op 22 september 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 16 januari 2024. Verweerder is voor de behandeling van deze aanvraag op 27 september 2024 verantwoordelijk geworden.
De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Beoordeling door de rechtbank

1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
3. Op de asielaanvraag van eiser is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [2] van toepassing. Eiser stelt namelijk dat hij de Syrische nationaliteit heeft. Ook heeft verweerder nog geen besluit genomen op de asielaanvraag en is de asielaanvraag ingediend voor 14 juni 2025. Verder is niet gebleken dat eiser viel onder één van de in artikel 4 van Pro het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium genoemde categorieën die uitgesloten zijn van de werking van het besluitmoratorium. Het gevolg is dat de beslistermijn was opgeschort voor de duur van het besluitmoratorium. Dit was van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. De wettelijke beslistermijn is daarom hervat op 14 juni 2025 en is geëindigd op 28 september 2025.
4. Eiser heeft verweerder op 29 juli 2025 in gebreke gesteld. Op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken. Daarom is het beroep tegen het uitblijven van een besluit op de aanvraag prematuur ingesteld en dus kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 16 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van B. Biyikli, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
2.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.