Uitspraak
1.[eisers sub 1],
4. [eisers sub 4],
6. [eisers sub 6],
eisende partijen,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties,
- de conclusie van repliek met producties,
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Den Haag
Passagiers hadden een pakketreis geboekt met TUI voor vlucht OR 3973 van Amsterdam naar Banjul en Dakar op 14 november 2022. De vlucht werd geannuleerd vanwege door Schiphol opgelegde capaciteitsbeperkingen, waarbij het aantal passagiers sterk moest worden teruggebracht.
De passagiers vorderden een vergoeding van € 600 per persoon op grond van EU-verordening 261/2004 wegens annulering, met aanvullende kosten en rente. TUI voerde verweer dat sprake was van een buitengewone omstandigheid en dat zij redelijke maatregelen had getroffen om de annulering te voorkomen.
De rechtbank oordeelde dat de capaciteitsbeperking op Schiphol een buitengewone omstandigheid vormt. TUI hoefde niet te bewijzen dat specifiek deze vlucht moest worden geannuleerd, omdat de keuze daartoe een complexe afweging is. Verder heeft TUI voldoende redelijke maatregelen genomen door alternatieve vluchten aan te bieden, die niet eerder beschikbaar waren.
Daarom werden de vorderingen van de passagiers afgewezen en werden zij veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken door mr. N.F.H. van Eijk op 21 april 2026.
Uitkomst: De vorderingen van de passagiers worden afgewezen wegens buitengewone omstandigheid en voldoende redelijke maatregelen door TUI.