Uitspraak
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
€ 388,- moet vergoeden.
Rechtbank Den Haag
Eiser, geboren in 2006 en met de Britse nationaliteit, vroeg een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan voor verblijf bij zijn referente. Verweerder wees de aanvraag af vanwege het niet voldoen aan het leeftijdsvereiste van 21 jaar en het ontbreken van bewijs voor een duurzame relatie. Tijdens de beroepsprocedure trouwden eiser en referente.
Eiser voerde meerdere gronden aan, waaronder strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, onvoldoende motivering van het leeftijdsvereiste, onjuiste belangenafweging onder artikel 8 EVRM Pro en het niet horen van eiser en referente. De rechtbank oordeelde dat het besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen omdat verweerder geen hoorzitting hield, waardoor geen goede afweging kon worden gemaakt over de evenredigheid van het leeftijdsvereiste in dit specifieke geval.
De rechtbank benadrukte de mantelzorgsituatie van referente en het feit dat eiser geen familie heeft die het huwelijk zou afdwingen. Gezien deze omstandigheden was het vasthouden aan het leeftijdsvereiste onevenredig. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om voorlopige voorziening werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onzorgvuldigheid en ontbreken van hoorzitting.