Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1], eiseres,
[naam 2],
[naam 3],
[naam 4],
[naam 5],
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
“Ik wil hier asiel aanvragen. Ze willen in Duitsland mijn kind van mij afnemen. Dit willen ze doen omdat ik zwanger ben en ik heb hulp nodig van Nederland.”
van een kind met de nationaliteit van die lidstaat, als dit er toe zou leiden dat dit kind het grondgebied van de EU moet verlaten. De minderjarige kinderen van eiseres zijn echter niet in het bezit van de Nederlandse nationaliteit. Wel hebben twee van de minderjarige kinderen de Duitse nationaliteit. De weigering van de verblijfsvergunning aan eiseres door de minister leidt er niet toe dat deze minderjarige kinderen het grondgebied van de EU moeten verlaten, omdat zij in Duitsland kunnen verblijven. Als eiseres meent een verblijfsrecht te ontlenen aan het arrest, kan zij zich wenden tot de Duitse autoriteiten. [5] Dat eiseres bij de Duitse autoriteiten in beeld is vanwege een frauduleuze erkenning en haar aanvraag om in Duitsland te verblijven eerder is geweigerd, maakt dit niet anders. De beroepsgrond slaagt dan ook niet.