ECLI:NL:RBDHA:2026:9856
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij beëindiging opvang LVV Rotterdam
Eiseres maakte bezwaar tegen de beëindiging van haar opvang in de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) te Rotterdam, die per 1 januari 2025 werd beëindigd. Na een voorlopige voorziening en een niet-ontvankelijk verklaard bezwaar, stelde eiseres beroep in tegen het besluit. De rechtbank behandelde het beroep samen met dat van andere vreemdelingen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres de opvang in de LVV vrijwillig had verlaten en naar Ierland was vertrokken, waar zij een nieuwe asielaanvraag had ingediend. Hierdoor stelde de rechtbank dat eiseres geen procesbelang meer had bij haar beroep, omdat zij geen prijs meer stelde op opvang in Nederland. De rechtbank overwoog dat een mogelijke toekomstige overdracht vanuit Ierland onzeker is en geen actueel belang oplevert.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en liet de inhoudelijke beroepsgronden onbesproken. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 24 april 2026.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar opvang in de LVV wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.