Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:9877

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
18 maart 2026
Publicatiedatum
24 april 2026
Zaaknummer
C/09/683851 / FA RK 25-2927
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:402a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opname ouderschapsplan en vaststelling kinderalimentatie na overeenstemming ouders

Partijen, ouders van een minderjarige geboren in 2019, hebben een affectieve relatie gehad en zijn in de procedure tot overeenstemming gekomen over het ouderschapsplan en kinderalimentatie. De vader heeft het kind erkend en het kind staat ingeschreven op het adres van de moeder.

De vader verzoekt het ouderschapsplan integraal op te nemen in de beschikking en de moeder verzoekt, met instemming van de vader, om vaststelling van kinderalimentatie van €350 per maand, te indexeren conform artikel 1:402a BW. De rechtbank wijst het verzoek toe en neemt het ouderschapsplan op in de beschikking.

De rechtbank stelt de kinderalimentatie vast op €366 per maand, rekening houdend met de wettelijke indexering, met ingang van 1 februari 2026. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.

Uitkomst: Ouderschapsplan opgenomen en kinderalimentatie vastgesteld op €366 per maand vanaf 1 februari 2026.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 25-2927
Zaaknummer: C/09/683851
Datum beschikking: 18 maart 2026

Opname ouderschapsplan en kinderalimentatie

Beschikking op het op 9 april 2025 ingekomen verzoek van:

[de vader],

de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. W.A. van der Stroom-Willemsen te [geboorteplaats],
voorheen mr. E.T.W. Laureau te [geboorteplaats].
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. C.E. van der Meijs te Zoetermeer.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het F9-formulier van 25 april 2025 van de zijde van de vader, met bijlage;
  • het aanvullend verzoekschrift van de man;
  • het F9-formulier van 16 januari 2026 van de zijde van de vader, met bijlage;
  • het F9-formulier van 20 januari 2026 van de zijde van de vader, met bijlage;
  • het F9-formulier van 27 januari 2026 van de zijde van de moeder;
  • het F9-formulier van 30 januari 2026 van de zijde van de vader, met bijlage;
  • het F9-formulier van 6 februari 2026 van de zijde van de moeder.
Vanwege de door partijen bereikte overeenstemming heeft de mondelinge behandeling op de zitting van 18 februari 2026 geen doorgang gevonden.

Feiten

- Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Zij zijn de ouders van het volgende minderjarige kind:
- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2019 te [geboorteplaats].
- De vader heeft [minderjarige] erkend.
- [minderjarige] staat ingeschreven op het adres van de moeder.

Verzoeken

De vader verzoekt – onder intrekking van het meer of anders verzochte – het ouderschapsplan integraal op te nemen in de beschikking, een en ander voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad.
De moeder verzoekt – na wijziging – (zelfstandig):
  • om het ouderschapsplan, zoals op 20 januari 2026 ingediend, op te nemen in de beschikking en aan de beschikking te hechten;
  • te bepalen dat de vader met ingang van de maand volgend op de ondertekening van het ouderschapsplan, een bijdrage levert in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] met € 350,- per maand, zulks telkens bij vooruitbetaling te voldoen, waarbij deze kinderalimentatie zal zijn onderworpen aan de wettelijke indexering als bedoeld in artikel 1:402a BW, voor het eerst met ingang van 1 januari 2026.
De vader stemt in met de (zelfstandige) verzoeken van de moeder.

Beoordeling

Opname ouderschapsplan
De ouders zijn in de loop van de procedure tot overeenstemming gekomen. Zij hebben afspraken gemaakt in een ouderschapsplan en verzoeken deze afspraken op te nemen in de beschikking. De rechtbank wijst het verzoek toe en neemt het ouderschapsplan op door deze aan de beschikking te hechten.
Kinderalimentatie
De ouders hebben afspraken gemaakt over de kinderalimentatie en deze neergelegd in het ouderschapsplan. Zij zijn overeengekomen dat de vader met ingang van de maand volgend op de ondertekening van het ouderschapsplan, te weten (1) februari 2026, een bijdrage levert in de kosten van verzorging en opvoeding van [minderjarige] met € 350,- per maand en dat deze kinderalimentatie zal zijn onderworpen aan de wettelijke indexering als bedoeld in artikel 1:402a BW, voor het eerst met ingang van 1 januari 2026.
De moeder verzoekt dienovereenkomstig een kinderalimentatie te bepalen. De vader kan hiermee instemmen.
De rechtbank zal conform de overeenstemming tussen de ouders een kinderalimentatie vaststellen. Hierbij merkt de rechtbank op dat de kinderalimentatie geïndexeerd naar 2026 thans € 366,- per maand bedraagt.
Ingetrokken verzoeken
De vader heeft zijn anders luidende verzoeken ingetrokken, zodat de rechtbank daar niet meer op hoeft te beslissen.

Beslissing

De rechtbank:
*
neemt op in deze beschikking de getroffen onderlinge regeling, zoals die staan in het aangehechte ouderschapsplan;
*
bepaalt dat de vader aan de moeder, met ingang van 1 februari 2026, een kinderalimentatie ten behoeve van [minderjarige] van € 366,- per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.G. Meeder, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. F.M. Wijvekate als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 18 maart 2026.
[afbeelding verwijderd i.v.m. privacygevoelige informatie]