Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
mr. B. Verheesen en van hetgeen door de verdachte en haar raadsvrouw
mr. A.J.W.F. Segeren, namens mr. S. Plas, naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
Op 10 juli 2025 omstreeks 10:15 uur werden wij, verbalisant [verbalisant 1] en verbalisant [verbalisant 2] , opgeroepen om te gaan naar de [adres 2] te Nieuwerkerk aan den IJssel. Alhier zou volgens melder een persoon op het balkon staan welke om hulp aan het schreeuwen was. Deze persoon zou overgoten zijn met ammoniak.
Ik hoorde de man op het balkon schreeuwen dat er een sleutelbos van de woning naar beneden was gegooid. Ik ben samen met de andere drie collega’s naar [adres 2] gegaan en collega [naam 3] heeft met de sleutel de woning geopend.
Ik zag links in de woning een vrouw zitten, die ik ambtshalve herken als de bewoonster van dit perceel, te weten [verdachte] .
Op 10 juli 2025, omstreeks 10:15 uur, reden wij, verbalisanten, naar de [adres 2] te Nieuwerkerk aan den IJssel.
Vervolgens zijn wij, verbalisanten, samen met de eenheid DH7303 door middel van de sleutel de voordeur van de woning in gegaan. Ik, verbalisant [verbalisant 2] liep als laatste de woning binnen en rook een hevige benauwde lucht waardoor mijn keel begon te prikkelen en waardoor ik moest hoesten.
Ik zag dat de man, welke op het balkon om hulp had geroepen, vanuit de hal van de woning in de richting van de voordeur kwam lopen. De man bleek genaamd - [naam 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2001 te [geboorteland] .
Ik, verbalisant [verbalisant 2] , hoorde dat [naam 1] het volgende tegen mij verklaarde:
Toen ik deze ochtend wakker werd hoorde ik dat mijn vriendin zei dat ze eerst geld wilde voor de overnachting. Ik zei dat ik dat niet ging betalen.
Mijn vriendin gooide ammoniak in mijn gezicht. Alles doet pijn en mijn hele gezicht en nek branden erg.
ammoniain zijn gezicht te gooien.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
€ 85,65, aangezien dit deel van de vordering genoegzaam is onderbouwd. De rest van de vordering moet volgens de officier van justitie niet-ontvankelijk worden verklaard vanwege een gebrek aan onderbouwing.
8.De inbeslaggenomen voorwerpen
9.De vordering tot tenuitvoerlegging
7 november 2022 voorwaardelijke opgelegde gevangenisstraf van 20 maanden volledig ten uitvoer wordt gelegd wegens het niet naleven van de algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
TWEE (2) MAANDEN;
gevangenisstrafvoor de duur van
VIER (4) MAANDEN:
taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van
TWEEHONDERDVEERTIG (240) UREN, subsidiair 120 dagen vervangende hechtenis.