ECLI:NL:RBDOR:2001:AB1260
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.T.J.F. Verhappen
- J.C. Gerritse
- L. de Loor-Alwin
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen uitsluiting van kinderbijslag op grond van verblijfstitel en arbeidstoestemming
Eiseres, een Surinaamse vrouw die sinds 1993 in Nederland verblijft, werkte zonder tewerkstellingsvergunning en had geen geldige verblijfstitel op het moment van de beslissing. Verweerder, de Sociale Verzekeringsbank, besloot daarom de kinderbijslag vanaf het derde kwartaal 1998 terug te vorderen.
Eiseres stelde dat zij rechtmatig arbeid verrichtte en dat uitsluiting onredelijk was, mede vanwege haar langdurige verblijf en sociaal-economische binding met Nederland. Tevens voerde zij aan dat het besluit in strijd was met het Verdrag tot bescherming van de rechten van het Kind.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet rechtmatig arbeid verrichtte omdat zij geen tewerkstellingsvergunning had en dat de Koppelingswet een rechtstreeks onderscheid naar nationaliteit maakt dat in dit geval gerechtvaardigd is. Het beroep op het Verdrag van het Kind faalde omdat dit geen positieve verplichting tot kinderbijslag oplegt.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van kinderbijslag wordt ongegrond verklaard.