ECLI:NL:RBDOR:2002:AE2902
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.F. van der Lugt
- E.C. Koekman
- I.M.A. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging moord met gelijke straf voor verdachte en mededader
Op 9 december 2001 hebben verdachte en zijn mededader, beiden verslaafd en in de leeftijd van 17 en 18 jaar, een poging tot moord gepleegd op een drugsdealer in Zwijndrecht. Zij beraamden en voerden het plan uit om het slachtoffer te beroven en te doden vanwege hun verslaving en angst herkend te worden. Ondanks dat het slachtoffer bereid was de drugs, geld en telefoon af te staan, gingen zij door met het geweld, waarbij zij het slachtoffer met messen staken, tegen het hoofd schopten en in een sloot gooiden.
De rechtbank achtte verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar, maar vond dat het feit te ernstig was voor toepassing van het jeugdstrafrecht. Verdachte en mededader werden daarom volgens het volwassenenstrafrecht berecht en kregen een gelijke straf opgelegd. De rechtbank veroordeelde verdachte tot zes jaar gevangenisstraf, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht.
De benadeelde partij werd ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot schadevergoeding. De rechtbank kende een bedrag van €5822,94 toe, bestaande uit materiële schade en een voorschot op immateriële schade, maar wees de vordering tot inkomensschade af wegens onvoldoende onderbouwing. Tevens werd een schademaatregel opgelegd van €2911,47. Vervangende hechtenis werd bepaald bij niet-betaling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf en betaling van een schadevergoeding aan het slachtoffer.