ECLI:NL:RBDOR:2003:AF7585
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.A.C. Smid
- A.P. Hameete
- I.M.A. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en strafbaarheid bij overtreding afvalstoffenverordening Dordrecht
De rechtbank Dordrecht behandelde een zaak waarin verdachte werd verdacht van het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen op een andere dag dan door de gemeente vastgesteld. De verdediging betwistte de bevoegdheid van de economische strafkamer en stelde dat de kantonrechter bevoegd was, omdat het ging om een gemeentelijke verordening die geen economisch delict betreft.
De rechtbank analyseerde de wettelijke grondslagen, waaronder de Afvalstoffenverordening Dordrecht 1994 en 2002, de Wet milieubeheer en de Gemeentewet. Zij concludeerde dat de regeling van de ordelijkheid van het aanbieden van afvalstoffen een autonome gemeentelijke bevoegdheid is en geen economisch delict vormt. Om proceseconomische redenen besloot de rechtbank de zaak zelf af te doen.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op een andere dag dan toegestaan huisvuil aanbood en verklaarde het ten laste gelegde feit bewezen. Gelet op het tijdsverloop en de aard van het delict legde de rechtbank geen straf of maatregel op, maar sprak verdachte wel strafbaar uit.
De uitspraak bevatte een uitgebreide motivering over de bevoegdheid, ontvankelijkheid en strafbaarheid, waarbij ook jurisprudentie en wetsartikelen werden betrokken. De rechtbank sprak verdachte vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is schuldig verklaard voor het aanbieden van afval op een niet toegestane dag, maar er is geen straf of maatregel opgelegd.