ECLI:NL:RBDOR:2003:AI5631
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.G.J. de Heij
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling door faillissement echtgenoot in gemeenschap van goederen
De rechtbank Dordrecht heeft op 28 mei 2003 geoordeeld dat het faillissement van de echtgenoot van een schuldenares, die in gemeenschap van goederen met hem is getrouwd, leidt tot de beëindiging van haar schuldsaneringsregeling. De schuldsaneringsregeling was eerder definitief uitgesproken en het saneringsplan liep tot oktober 2003.
De rechtbank stelde vast dat de gemeenschap van goederen aanvankelijk in de schuldsaneringsregeling werd afgewikkeld, maar dat deze nu betrokken is in het faillissement van de echtgenoot. Vanwege de verschillen in afwikkeling tussen faillissement en schuldsanering is het niet mogelijk om de gemeenschap in beide procedures te laten voortbestaan, waardoor de schuldsaneringsregeling van de schuldenares moet worden beëindigd.
De schuldenares gaf aan dat een echtscheidingsprocedure aanhangig is. De rechtbank overwoog dat zij, aangezien de beëindiging niet aan haar handelen te wijten is, na echtscheiding in beginsel opnieuw kan worden toegelaten tot een schuldsaneringsregeling, waarbij rekening kan worden gehouden met de reeds verstreken looptijd.
De rechtbank bepaalde tevens dat de kosten van publicaties in het faillissementsproces ten laste van de schuldenares komen en dat het salaris en kosten van de bewindvoerder bij een afzonderlijke beslissing worden vastgesteld.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling van de schuldenares vanwege het faillissement van haar echtgenoot.