ECLI:NL:RBDOR:2003:AI5631

Rechtbank Dordrecht

Datum uitspraak
28 mei 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
00/179 R
Instantie
Rechtbank Dordrecht
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • P.G.J. de Heij
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging schuldsaneringsregeling door faillissement echtgenoot in gemeenschap van goederen

De rechtbank Dordrecht heeft op 28 mei 2003 geoordeeld dat het faillissement van de echtgenoot van een schuldenares, die in gemeenschap van goederen met hem is getrouwd, leidt tot de beëindiging van haar schuldsaneringsregeling. De schuldsaneringsregeling was eerder definitief uitgesproken en het saneringsplan liep tot oktober 2003.

De rechtbank stelde vast dat de gemeenschap van goederen aanvankelijk in de schuldsaneringsregeling werd afgewikkeld, maar dat deze nu betrokken is in het faillissement van de echtgenoot. Vanwege de verschillen in afwikkeling tussen faillissement en schuldsanering is het niet mogelijk om de gemeenschap in beide procedures te laten voortbestaan, waardoor de schuldsaneringsregeling van de schuldenares moet worden beëindigd.

De schuldenares gaf aan dat een echtscheidingsprocedure aanhangig is. De rechtbank overwoog dat zij, aangezien de beëindiging niet aan haar handelen te wijten is, na echtscheiding in beginsel opnieuw kan worden toegelaten tot een schuldsaneringsregeling, waarbij rekening kan worden gehouden met de reeds verstreken looptijd.

De rechtbank bepaalde tevens dat de kosten van publicaties in het faillissementsproces ten laste van de schuldenares komen en dat het salaris en kosten van de bewindvoerder bij een afzonderlijke beslissing worden vastgesteld.

Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling van de schuldenares vanwege het faillissement van haar echtgenoot.

Uitspraak

insolventienummer: 00/179 R
nummer verklaring: GOR0210000058
uitspraakdatum: 28 mei 2003
RECHTBANK DORDRECHT,
Bij vonnis van deze kamer van 18 oktober 2000 is de definitieve schuldsanering uitgesproken ten aanzien van:
S.
geboren op,
wonende te,
Bij vonnis van deze rechtbank d.d. 13 maart 2002 is het saneringsplan vastgesteld, waarin de looptijd is bepaald op drie jaar, derhalve tot 19 oktober 2003. Ter zitting van 28 mei 2003 is schuldenares gehoord op onderstaande, ambthalve, beslissing van de rechtbank.
De schuldenares is in gemeenschap van goederen gehuwd met de heer B. De schuldsaneringsregeling van de echtgenoot van de schuldenares is op 14 mei 2003 tussentijds beëindigd. Sinds de dag dat het vonnis in kracht van gewijsde is gegaan, verkeert de echtgenoot van rechtswege in staat van faillissement.
De tussen de schuldenares en haar echtgenoot bestaande gemeenschap van goederen werd aanvankelijk ten behoeve van de crediteuren afgewikkeld in de schuldsaneringsregeling en is thans betrokken in het faillissement van de echtgenoot. Dezelfde gemeenschap zou ook in de op de schuldenares van toepassing zijnde schuldsaneringsregeling afgewikkeld moeten worden. Nu dat gelet op de verschillen in afwikkeling in faillissement en in de schuldsaneringsregeling niet mogelijk is, dient de het faillissement van de echtgenoot te leiden tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling die op schuldenares van toepassing is.
De schuldenares heeft aangegeven dat een echtscheidingsprocedure aanhangig is. Nu beëindiging van de regeling niet aan enig handelen of nalaten van de schuldenares te wijten is, ligt in de rede dat zij, nadat de echtscheiding tot stand is gekomen, in beginsel opnieuw tot de schuldsaneringsregeling kan worden toegelaten. In dat geval is er aanleiding bij bepaling van de duur van de regeling rekening te houden met de omstandigheid dat de regeling thans reeds geruime tijd op schuldenares van toepassing is geweest.
De rechtbank zal het salaris van de bewindvoerder en de door deze gemaakte kosten bij afzonderlijke beslissing vaststellen. De kosten van de in de schuldsaneringsregeling bevolen publicaties kunnen uit de boedel worden voldaan en komen dus ten laste van de schuldenares.
BESLISSING
De rechtbank:
- beëindigt de toepassing van de schuldsaneringsregeling;
- bepaalt dat de kosten van de in de Faillissementswet bevolen publicaties ten laste van de schuldenares komen.
Gewezen door mr. P.G.J. de Heij, lid van de eerste enkelvoudige kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 mei 2003 in tegenwoordigheid van de griffier.