ECLI:NL:RBDOR:2004:AO5095
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging voortgezette huurovereenkomst zelfstandige woonruimte wegens zwaarder belang verhuurder
De zaak betreft een geschil over de voortzetting van een huurovereenkomst voor zelfstandige woonruimte. Eiseres, een toegelaten instelling op grond van de Woningwet, verhuurde eerder aan de heer X, wiens huurovereenkomst werd ontbonden. Gedaagden wonen sinds oktober 2001 in de woning via een onderhuurovereenkomst met de heer X, welke door eiseres is voortgezet na ontbinding.
Eiseres vordert de beëindiging van de voortgezette huurovereenkomst en ontruiming van de woning, stellende dat gedaagden onvoldoende financiële waarborgen bieden, geen huisvestingsvergunning hebben en dat voortzetting in strijd is met redelijkheid en billijkheid. Gedaagden betwisten deze gronden.
De kantonrechter stelt vast dat de onderhuurovereenkomst bestaat en dat de woning zelfstandige woonruimte betreft. Hoewel gedaagden een zwaarwegend belang hebben bij voortzetting, weegt het zwaardere belang van eiseres om haar toewijzingsbeleid uit te voeren zwaarder. Dit beleid dient de belangen van de gehele doelgroep te waarborgen. Gedaagden hebben ruim twee jaar gehad om een andere woning te zoeken.
Daarom wordt de huurovereenkomst beëindigd met ingang van één maand na betekening van het vonnis en worden gedaagden veroordeeld tot ontruiming binnen twee weken na beëindiging. Tevens worden zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voortgezette huurovereenkomst eindigt één maand na betekening en gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming binnen twee weken daarna.