ECLI:NL:RBDOR:2005:AU6795
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toekenning voorlopige voorziening bij weigering WW-uitkering wegens vermeende verwijtbare werkloosheid
Verzoeker diende een aanvraag in voor een WW-uitkering die door verweerder werd afgewezen wegens vermeende verwijtbare werkloosheid. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening vanwege een nijpende financiële situatie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er sprake was van een spoedeisend belang, omdat verzoeker een aanzienlijke inkomensdaling had en zijn financiële situatie ernstig was verslechterd. Verweerder had onvoldoende onderzoek gedaan en het besluit onvoldoende gemotiveerd, onder meer doordat niet alle relevante stukken, zoals het proces-verbaal van de kantonrechter, aanwezig waren.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en werd verweerder verplicht een voorschot op de WW-uitkering te verstrekken over de periode van 11 augustus tot 1 november 2005. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van verzoeker.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en verweerder moet voorschot op WW-uitkering betalen.