ECLI:NL:RBDOR:2006:AW5287
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag op echtgenote met vrijspraak voor toediening chloor aan dochters
Op 21 oktober 2005 heeft de verdachte geprobeerd zijn echtgenote van het leven te beroven door haar keel krachtig dicht te knijpen en met een stok op haar hoofd te slaan. De rechtbank acht dit bewezen en veroordeelt hem tot 15 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en een bijzondere voorwaarde van verplicht reclasseringscontact.
De tenlastelegging dat verdachte zijn twee minderjarige dochters chloor of een ander giftig middel zou hebben toegediend, is door de rechtbank niet bewezen verklaard wegens onvoldoende wettige bewijsmiddelen. Verklaringen van het slachtoffer en getuigen waren onvoldoende betrouwbaar en het enkele feit dat verdachte alleen met zijn dochters was, was niet voldoende voor een veroordeling.
De rechtbank heeft de straf bepaald op basis van de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is begaan en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, die niet eerder met justitie in aanraking was geweest. De rechtbank acht het handelen van verdachte ontoelaatbaar en legt een vrijheidsbenemende straf op met bijzondere voorwaarden om recidive te voorkomen.
De verdachte is strafbaar bevonden voor het bewezen verklaarde feit en de inbeslaggenomen voorwerpen zijn verbeurd verklaard. De rechter-commissaris en het parket hebben geen gronden voor schorsing van de vervolging vastgesteld. Het vonnis is uitgesproken op 27 april 2006 door de rechtbank Dordrecht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf voor poging tot doodslag op zijn echtgenote en vrijgesproken van toediening chloor aan zijn dochters.