ECLI:NL:RBDOR:2006:AY4860
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.F. van der Lugt
- H. Bedee
- G.A.J.M. van Vugt
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens brandstichting met levensgevaarlijke situatie en contactverbod
De rechtbank Dordrecht heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk stichten van brand in de woning van zijn ex-vriendin. Op 17 februari 2006 stak verdachte een gordijn in brand via de brievenbus, waardoor brand ontstond en levensgevaar voor de aanwezige dochter van de ex-vriendin en haar vriend ontstond. Verdachte nam bewust het risico dat zijn ex-vriendin aanwezig was, hoewel dit niet het geval bleek te zijn.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte met opzet brand heeft gesticht en dat er sprake was van gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor personen in de woning en omliggende percelen. De persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder alcoholafhankelijkheid en een verminderd oordeelsvermogen, werden meegewogen, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar werd geacht.
De officier van justitie had een gevangenisstraf van vier jaar, waarvan twee voorwaardelijk, gevorderd, maar de rechtbank legde een straf van 30 maanden op, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. Daarnaast werd een contactverbod opgelegd en bijzondere voorwaarden waaronder het volgen van een alcoholregulatietraining en een training cognitieve vaardigheden.
De rechtbank kende schadevergoedingen toe aan de benadeelde partijen voor materiële en immateriële schade en legde schadevergoedingsmaatregelen op. De straf en maatregelen zijn mede bedoeld om herhaling te voorkomen en verdachte te stimuleren tot gedragsverandering.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, met contactverbod en schadevergoedingen.