ECLI:NL:RBDOR:2006:AY7860
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Abonnementskwestie over opzegtermijn en factureringsperiode bij Canal+
Gedaagde sloot op 8 mei 2000 een abonnement af bij eiseres voor drie maanden, dat bij gebrekkige opzegging telkens met twaalf maanden werd verlengd. Eiseres factureerde echter jaarlijks over de periode 1 oktober tot 30 september, wat afweek van de contractuele looptijd.
Gedaagde zegde het abonnement op 26 augustus 2002 op tegen 30 september 2002, in overeenstemming met de door eiseres gehanteerde factureringsperiode. Eiseres stelde dat het abonnement pas per 31 augustus 2003 zou eindigen, rekening houdend met een opzegtermijn van een maand.
De kantonrechter oordeelde dat eiseres door haar verwarrende facturering de indruk wekte dat het abonnement jaarlijks tot 30 september liep, waardoor gedaagde gerechtvaardigd vertrouwde op die einddatum. De vordering tot betaling van abonnementskosten na 30 september 2002 werd daarom afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van abonnementskosten na 30 september 2002 wordt afgewezen omdat gedaagde het abonnement tijdig heeft opgezegd.