ECLI:NL:RBDOR:2006:AZ0257
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot opheffing non actiefstelling en wedertewerkstelling managing director toegewezen
Eiser, managing director bij gedaagde sinds april 2005, is op non actief gesteld door gedaagde na het opzeggen van het vertrouwen in juli 2006. Eiser vordert in kort geding de opheffing van deze non actiefstelling en zijn wedertewerkstelling, stellende dat er geen gegronde redenen voor de non actiefstelling zijn en dat deze dient om hem een verkoopbonus te onthouden.
Gedaagde betwist de stellingen van eiser en heeft aangekondigd het dienstverband te willen beëindigen, waarvoor een verzoek ex art. 7:685 BW Pro is ingediend. De kantonrechter oordeelt dat de non actiefstelling geen voldoende grondslag heeft, mede omdat concrete bezwaren jegens eiser niet op een kenbare wijze zijn geuit en er geen functioneringsgesprekken of verbetertrajecten zijn gestart.
De kantonrechter beveelt gedaagde om binnen drie werkdagen de non actiefstelling op te heffen en eiser toe te laten tot zijn werkzaamheden, onder dreiging van een dwangsom. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten. De vordering tot opheffing wordt toegewezen, het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van de non actiefstelling en wedertewerkstelling wordt toegewezen met een dwangsom bij niet-naleving.