ECLI:NL:RBDOR:2006:AZ2071
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A.C. Prins
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bezwaar tegen WOZ-beschikking wegens ontvankelijkheidsfout en bevestiging WOZ-waarde na taxatie
Eiser werd op 29 april 2005 eigenaar van een woning waarvoor op 28 februari 2005 een WOZ-beschikking was genomen ten name van de vorige eigenaar. Eiser maakte bezwaar tegen deze beschikking, maar de rechtbank oordeelt dat het bezwaar ten onrechte ontvankelijk werd verklaard omdat de beschikking niet op eiser betrekking had. Daarom wordt het besluit op bezwaar vernietigd.
Verweerder stelde vervolgens op 6 juni 2005 een nieuwe WOZ-beschikking op naam van eiser vast met een lagere waarde van €298.000. Deze beschikking werd niet tijdig aan eiser bekendgemaakt, waardoor hij geen afzonderlijk bezwaar kon maken. Op verzoek van eiser en met instemming van verweerder behandelt de rechtbank het bezwaar tegen deze beschikking als rechtstreeks beroep.
De rechtbank weegt het door verweerder overgelegde taxatierapport en concludeert dat de vastgestelde waarde van €298.000 op de peildatum 1 januari 2003 voldoende aannemelijk is. De door eiser voorgestelde lagere waarde van €268.450 wordt niet gevolgd omdat deze niet strookt met de wettelijk voorgeschreven waarderingsmethoden. Het beroep tegen de beschikking van 6 juni 2005 wordt daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank veroordeelt de gemeente Cromstrijen tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €37 aan eiser. De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van de ontvankelijkheidsregels en de wettelijke waarderingsmethoden bij WOZ-beschikkingen.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de WOZ-beschikking van 28 februari 2005 wordt vernietigd wegens ontvankelijkheidsfout, het beroep tegen de beschikking van 6 juni 2005 wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €298.000 bevestigd.