ECLI:NL:RBDOR:2006:AZ6190
Rechtbank Dordrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Gebruik van woning door erfgenaam economisch eigenaar ondanks faillissement vennootschap
De zaak betreft een geschil over het gebruiksrecht van een woning die door een vennootschap is gebouwd voor de ouders van de bestuurder. De vennootschap was juridisch eigenaar, terwijl de bestuurder economisch eigenaar was. Na zijn overlijden trad zijn erfgenaam in zijn rechten. De curator in het faillissement van de vennootschap vorderde ontruiming van de woning door de ouders en [gedaagde sub 1], stellende dat deze geen recht van gebruik had.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het economisch eigendom tegen betaling was verkregen en dat een gebruiksrecht met een eeuwigdurend karakter was beoogd. Dit recht was door de bestuurder aan zijn ouders gegund en na zijn overlijden overgegaan op zijn erfgenaam. De curator kon niet meer beschikken dan de bloot eigendom en kon het gebruiksrecht niet beëindigen, ook niet na faillissement.
De rechtbank wees de vorderingen van de curator af, omdat het gebruiksrecht doorbreking van de gelijkheid van schuldeisers rechtvaardigt en het gebruik door de ouders en erfgenaam rechtmatig was. Tevens werd geoordeeld dat de curator de kosten van het geding moest dragen.
Uitkomst: De vorderingen van de curator tot ontruiming van de woning worden afgewezen en het gebruiksrecht blijft bestaan.