ECLI:NL:RBDOR:2007:BA6129
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verhaalsbijdrage man aan gemeente wegens bijstandsverlening ex-huwelijk
De Sociale Dienst verzocht de rechtbank vast te stellen dat de man vanaf 1 maart 2005 een maandelijkse verhaalsbijdrage van €384 verschuldigd is aan de gemeente zolang de bijstandsverlening aan zijn ex-vrouw voortduurt. De man voerde aan dat het huwelijk slechts drie weken duurde en dat de vrouw geen behoefte heeft aan een bijdrage, gezien haar verdiencapaciteit. Ook stelde hij niet in staat te zijn de bijdrage te betalen en betwistte de terugwerkende kracht.
De rechtbank stelde vast dat het huwelijk duurde van 3 augustus 2004 tot 18 augustus 2005, waarna de echtscheiding werd uitgesproken. De man verscheen niet op de zitting en onderbouwde zijn stellingen onvoldoende. Uit de stukken bleek dat de vrouw een beperkte arbeidsverleden heeft, een laag opleidingsniveau en een parttime baan met een laag inkomen, waardoor zij behoefte heeft aan bijstand.
De rechtbank oordeelde dat het huwelijk een onderhoudsverplichting schept en dat deze verplichting eindigt na een termijn gelijk aan de duur van het huwelijk, hier 1 jaar en 15 dagen. De man heeft voldoende draagkracht om de bijdrage van €384 per maand te betalen. De rechtbank wees het verzoek van de man tot matiging en afwijzing af en bepaalde dat de verhaalsbijdrage vanaf 1 maart 2005 tot en met 16 maart 2006 verschuldigd is, onder toepassing van artikel 105 van Pro de Algemene bijstandswet (oud).
Uitkomst: De man is verplicht vanaf 1 maart 2005 tot en met 16 maart 2006 een maandelijkse verhaalsbijdrage van €384 aan de gemeente te betalen.