ECLI:NL:RBDOR:2007:BB9557
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens onbehoorlijk bestuur en nalaten administratie bij faillissement
Op 15 november 2006 werd het faillissement uitgesproken van de besloten vennootschap Postzegelhandel, waarbij de curator stelde dat de bestuurders hun administratieve verplichtingen niet waren nagekomen. De curator vorderde hoofdelijk aansprakelijkheid van de bestuurders voor het faillissementstekort wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur, gebaseerd op het wettelijk vermoeden van artikel 2:248 lid 2 BW Pro.
De bestuurders stelden dat zij wel degelijk administratie hadden verstrekt, maar dat een deel daarvan verloren was gegaan door een brand bij een derde. De rechtbank oordeelde dat het bestuur verplicht is een administratie te voeren die te allen tijde inzicht geeft in de rechten en verplichtingen van de vennootschap, en dat het ontbreken van gedeponeerde jaarstukken en het niet kunnen overleggen van een volledige administratie niet aan de bestuurders kan worden toegerekend.
De rechtbank stelde vast dat het wettelijk vermoeden van onbehoorlijk bestuur niet was weerlegd, omdat de bestuurders onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat andere oorzaken dan hun falen het faillissement veroorzaakten. De aansprakelijkheid van de bestuurder van de houdstermaatschappij rustte tevens op de bestuurder van die vennootschap. De zaak werd verwezen voor nadere vaststelling van het faillissementstekort.
Uitkomst: De bestuurders worden aansprakelijk gehouden voor het faillissementstekort wegens het niet naleven van administratieve verplichtingen.