ECLI:NL:RBDOR:2008:BC2722
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen wanprestatie bij schilders- en stucwerkzaamheden; bewijsopdracht over BTW-percentage
In deze civiele zaak vordert eiser vergoeding van schade wegens vermeende tekortkomingen in schilders- en stucwerkzaamheden uitgevoerd door Staat Schilders B.V. Eiser stelt dat het werk ondeugdelijk is en dat Staat niet heeft gewaarschuwd voor vochtproblemen, met een schadevergoeding van €150.000,-.
Staat betwist de tekortkomingen en voert aan dat het werk conform technische adviezen en met goedkeuring van eiser is uitgevoerd. Ook wordt gesteld dat het stucwerk grotendeels door derden is verricht en dat de klachten daarom niet aan Staat kunnen worden toegerekend. De rechtbank acht de stellingen van Staat gemotiveerd en onvoldoende onderbouwd door eiser, waardoor geen wanprestatie wordt aangenomen.
Daarnaast is er discussie over het BTW-percentage dat tussen partijen is afgesproken. Eiser stelt 6% BTW, Staat voert 21% aan. De rechtbank wijst eiser toe bewijs te leveren dat 6% is afgesproken en Staat om bewijs van 21%. Ook is de ingebrekestelling en het intreden van verzuim besproken; de rechtbank oordeelt dat wettelijke rente vanaf 3 december 2005 verschuldigd is.
De vorderingen van eiser worden afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. De meerwerkvordering van Staat wordt toegewezen, met uitzondering van een betwiste post die door Staat is toegelicht. De zaak wordt aangehouden voor verdere bewijslevering over het BTW-percentage.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en wijst de meerwerkvordering van Staat toe; bewijsopdrachten over het BTW-percentage worden gegeven.