ECLI:NL:RBDOR:2008:BC2958
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Overeenkomst onder opschortende voorwaarde en onrechtmatige beslaglegging op aandelen en duwbak
De zaak betreft een geschil over de uitleg en nakoming van een overeenkomst tussen [eiseres1], [eiseres2] en [gedaagde] betreffende de verkoop van aandelen in Interfeeder Ducotra B.V. (ID). De kernvraag was of de overeenkomst van 9 februari 2006 onvoorwaardelijk was of onder opschortende voorwaarde, waarbij de transactie met Rhenus als voorwaarde gold. De rechtbank oordeelde dat de overeenkomst onder opschortende voorwaarde was gesloten en dat deze voorwaarde niet was vervuld, zodat nakoming niet kon worden gevorderd.
Daarnaast vorderde [gedaagde] in reconventie schadevergoeding wegens onrechtmatige beslaglegging door [eiseres1] en [eiseres2] op haar aandelen en een duwbak. De rechtbank stelde vast dat het beslag onrechtmatig was gelegd en dat hierdoor schade was geleden, met name door het niet kunnen inzetten van de duwbak. De omvang van de schade moest nog nader worden bewezen.
De rechtbank wees de vorderingen in conventie af, veroordeelde [eiseres1] en [eiseres2] hoofdelijk in de proceskosten en verklaarde de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. In reconventie werd de zaak verwezen naar de rolzitting voor nadere bewijslevering en werd verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst onder opschortende voorwaarde is gesloten en wijst de vorderingen in conventie af; het beslag was onrechtmatig en de zaak wordt verwezen voor nadere bewijslevering van schade.