ECLI:NL:RBDOR:2008:BC3658
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M.H. Geerars
- M.M. Moolenburgh
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering onttrekking kunstvoorwerpen wegens ontbreken sprekende gelijkenis met wapens
De rechtbank Dordrecht behandelde de vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van kunstvoorwerpen die door hun uiterlijk een gelijkenis vertoonden met landmijnen. De voorwerpen, bestaande uit afgezaagde en geverfde bloempotten en andere objecten, waren tentoongesteld in een museum in Gorinchem als onderdeel van een kunstproject.
De politie had de voorwerpen in beslag genomen na een inbraakmelding en beoordeelde ze aanvankelijk als explosieven. De officier van justitie stelde dat het samenstel een wapen betrof in de zin van de Wet Wapens en Munitie, en dat het bezit en tentoonstellen ervan in strijd was met het algemeen belang.
De rechtbank oordeelde dat de voorwerpen onvoldoende sprekende gelijkenis vertoonden met voor ontploffing bestemde wapens, mede door de context en wijze van tentoonstelling. Er was onvoldoende aannemelijk dat de voorwerpen geschikt waren voor bedreiging of afdreiging. De rechtbank concludeerde dat het kunstproject een legitieme kunstzinnige expressie betrof en dat het bezit en tentoonstellen niet in strijd was met het algemeen belang.
Daarom wees de rechtbank de vordering tot onttrekking af en erkende de vrijheid van kunst en meningsuiting van de belanghebbenden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot onttrekking van de kunstvoorwerpen af omdat deze niet als wapens kunnen worden aangemerkt.