ECLI:NL:RBDOR:2008:BD8293
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag wegens ondeugdelijke vordering van deelgenoten nalatenschap
Op 14 september 2006 overleed de erflaatster, die een onverdeelde nalatenschap naliet aan haar erfgenamen, waaronder de gedaagden en de kinderen van eiseres. Gedaagden legden conservatoir beslag op het woonhuis, percelen grond en een elftal paarden van eiseres om een vordering van €134.686,66 af te dwingen.
De rechtbank oordeelde dat de vordering waarvoor het beslag was gelegd toebehoorde aan de onverdeelde nalatenschap en niet aan de gedaagden persoonlijk. Omdat gedaagden niet namens de gemeenschap van erfgenamen optraden, maar voor zichzelf, is hun vordering ondeugdelijk en zullen zij in de bodemprocedure waarschijnlijk niet-ontvankelijk worden verklaard. De beslaglegging was onnodig en leidde tot ernstige problemen voor eiseres, die van de paarden haar levensonderhoud verzorgt.
De rechtbank besloot daarom het beslag op de paarden op te heffen en veroordeelde de gedaagden in de proceskosten. De overige beslagen op onroerende zaken bleven bestaan omdat deze voldoende zekerheid boden voor de vordering. De eiswijziging door gedaagden in de bodemprocedure kon hen niet baten omdat de hoedanigheid van procespartij niet tussentijds kan worden gewijzigd.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op de paarden wordt opgeheven omdat de vordering ondeugdelijk is en niet namens de gemeenschap is ingesteld.