ECLI:NL:RBDOR:2008:BD9915
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens bewezen gewerkte uren in begeleidingsovereenkomst
In deze civiele zaak vordert eiser een bedrag van €15.500,-- wegens vermeende te veel gefactureerde uren door gedaagde. De rechtbank heeft gedaagde de bewijsopdracht gegeven om aan te tonen dat zij minimaal 78 uur, dan wel meer dan 35 uur, aan gesprekken en werkzaamheden voor eiser heeft besteed.
Gedaagde overlegt kopieën van kantooragenda's en laat drie getuigen verklaren over de duur en aard van de gesprekken, inclusief voor- en nawerk. De getuigen bevestigen dat per gesprek niet alleen de gereserveerde tijd, maar ook een extra half uur voor voorbereiding en verslaglegging moet worden gerekend. Uit deze verklaringen en stukken blijkt dat gedaagde het opgegeven aantal uren heeft besteed, zelfs meer dan 78 uur.
Eiser betwist dat gedaagde het aantal contacten heeft bewezen, maar de rechtbank oordeelt dat deze bewijsopdracht niet is gegeven en dat het bewijs voldoende is. De rechtbank wijst daarom de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af omdat gedaagde heeft bewezen dat zij minimaal 78 uur heeft gewerkt.