ECLI:NL:RBDOR:2008:BF1435
Rechtbank Dordrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing conservatoire beslagen wegens onvoldoende ondeugdelijkheid ingeroepen recht
Rovast B.V. vordert de opheffing van conservatoire beslagen die door [gedaagde] zijn gelegd op haar bedrijfspanden, stellende dat de vorderingen van [gedaagde] ondeugdelijk zijn. Het geschil betreft onder meer een mondeling gesloten koopovereenkomst over een bedrijfspand aan de [adres 2] te Dordrecht en een vergoeding voor vloerbelasting van een ander bedrijfspand aan de [adres 1] te Sliedrecht.
De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van artikel 705 lid 2 Rv Pro een beslag moet worden opgeheven indien summierlijk blijkt dat het ingeroepen recht ondeugdelijk is. Dit vergt een belangenafweging tussen beslaglegger en beslagene, waarbij ook de onderliggende feiten en omstandigheden worden meegewogen.
Uit de stukken blijkt dat tussen partijen een mondelinge koopovereenkomst is gesloten, althans niet onaannemelijk is dat deze tot stand is gekomen. Rovast heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij op 22 februari 2008 recht had op directe betaling van de vergoeding van € 150.000,-. Ook is niet aannemelijk dat de koopovereenkomst niet zal doorgaan. De vordering van [gedaagde] is niet summierlijk ondeugdelijk gebleken.
Daarom wordt de vordering tot opheffing van de beslagen afgewezen en Rovast wordt veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van [gedaagde] zijn begroot op € 1.070,-. Dit vonnis is op 18 september 2008 gewezen door de voorzieningenrechter.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van conservatoire beslagen wordt afgewezen omdat niet summierlijk is gebleken dat het ingeroepen recht ondeugdelijk is.