Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDOR:2009:BJ0053

Rechtbank Dordrecht

Datum uitspraak
19 mei 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
90603/09/5092 en 90604/09/5093
Instantie
Rechtbank Dordrecht
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287a Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot dwangakkoord wegens ontbreken bijzondere omstandigheden

Verzoekers boden op 31 december 2008 een schuldregeling aan hun schuldeisers aan, waarbij 30,61% van de totale schuld tegen finale kwijting werd voorgesteld. Van de acht schuldeisers, waaronder één preferente en zeven concurrente schuldeisers, stemden zeven in met het voorstel. Eén schuldeiser, Laser Services, met een vordering van € 2.062,90, weigerde echter in te stemmen.

Verzoekers verzochten Laser Services op 20 februari 2009 het voorstel te heroverwegen, maar deze bleef bij haar standpunt. Na het aanbod bleek dat verzoekers nog twee andere schulden hadden en dat een verzoeker was ontslagen. Verzoekers ontvingen een WWB-uitkering en volgden een re-integratieopleiding met uitzicht op werk.

Laser Services stelde dat verzoekers voldoende afloscapaciteit hadden of dat deze zou toenemen, en dat het verzoekschrift onzorgvuldig was gedocumenteerd. De rechtbank overwoog dat op grond van de jurisprudentie van de Hoge Raad van 12 augustus 2005 een schuldeiser slechts onder zeer bijzondere omstandigheden gedwongen kan worden in te stemmen met een akkoord.

Verzoekers erkenden dat volledige aflossing mogelijk was, maar niet onder voor hen aanvaardbare voorwaarden. Hun wens om binnen drie jaar schuldenvrij te zijn om zelfstandige woonruimte te betrekken kwalificeerde niet als bijzondere omstandigheid. De rechtbank wees het verzoek daarom af.

Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT
Sector civiel recht
zaaknummers: 90603/09/5092 en 90604/09/5093
afwijzing verzoek dwangakkoord
Op 8 april 2009 is ter griffie binnengekomen het verzoekschrift van:
[verzoeker 1]
en
[verzoeker 2]
beiden wonende te [adres],
tot vaststelling van een dwangakkoord als bedoeld in artikel 287a Faillissementswet om de volgende schuldeiser:
Laser Services namens Primeline,
postbus 3230, 5203 DJ ‘s-Hertogenbosch,
die weigert mee te werken aan de door verzoekers aangeboden schuldregeling, te bevelen in
te stemmen met deze schuldregeling.
Vaststaande feiten
Bij de beoordeling van het onderhavige verzoek gaat de rechtbank uit van de navolgende vaststaande feiten.
- verzoekers hebben op of omstreeks 31 december 2008 een schuldregeling aangeboden aan hun schuldeisers, inhoudende een betaling van 30,61% tegen finale kwijting. Het gedane voorstel is gebaseerd op de NVVK-norm;
- verzoekers hadden ten tijde van het aanbod samen 8 schuldeisers, waarvan 1 preferente schuldeiser en 7 concurrente schuldeisers, die in totaal een bedrag van € 6.821,95 van hen te vorderen hebben;
- 7 schuldeisers hebben ingestemd met het voorstel;
- bovengenoemde schuldeiser is niet akkoord gegaan met het voorstel. Zij heeft een vordering op verzoekers van € 2.062,90, zijnde 29,98% van de totale schuldenlast.
- verzoekers hebben op of omstreeks 20 februari 2009 bovengenoemde schuldeiser verzocht het voorstel te heroverwegen. Schuldeiser is wederom niet akkoord gegaan.
- na het aanbieden van de schuldregeling aan hun schuldeisers, is gebleken dat verzoekers naast bovenstaande schulden, nog 2 andere schulden hebben, totaal ten bedrage van
€ 732,35, respectievelijk dat verzoeker is ontslagen.
Beoordeling
Het verzoekschrift is behandeld ter terechtzitting van 19 mei 2009. Daarbij zijn verzoekers en Laser Services gehoord.
De rechtbank ziet zich gesteld voor het beantwoorden van de vraag of genoemde schuldeiser in redelijkheid tot weigering van instemming met de schuldregeling heeft kunnen komen, in aanmerking genomen het belang dat zij heeft bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en het belang van verzoekers dat door de weigering wordt geschaad alsmede het belang van de overige schuldeisers die wel met de minnelijke regeling hebben ingestemd.
Verzoeker voert aan dat hij een WWB-uitkering ontvangt en in een re-integratieproject een opleiding volgt met uitzicht op betaalde arbeid, althans werk met behoud van uitkering.
Verzoekers verwachten niet binnen afzienbare termijn veel meer inkomsten te kunnen genereren, gelet op hun beperkte opleidingsniveau en werkervaring.
Laser Services voert aan dat verzoekers meer afloscapaciteit hebben, respectievelijk de verwachting reëel is dat de afloscapaciteit in de toekomst zal toenemen, zodat verzoekers in staat zijn de totale schuldenlast volledig af te lossen. Het belang van Laser Services is evident nu haar vordering op verzoekers ongeveer 1/3 van de totale schuldenlast bedraagt.
In het voorstel van 31 december 2008 wordt in ieder geval over de afloscapaciteit die verwachting uitgesproken. Het is dan ook onbegrijpelijk dat in het verzoekschrift een geheel ander beeld wordt geschetst en wordt aangenomen dat er geen afloscapaciteit is. Het verzoekschrift is reeds in dat opzicht niet zorgvuldig gedocumenteerd.
De rechtbank overweegt als volgt.
Ingevolge de uitspraak van de Hoge Raad van 12 augustus 2005, NJ 2006, nr. 230, kan een schuldeiser slechts onder zeer bijzondere omstandigheden gedwongen worden om in te stemmen met een door de schuldenaar aangeboden akkoord. Zodanige bijzondere omstandigheden zijn niet gesteld of gebleken.
Verzoekers hebben ter zitting erkend dat een volledige aflossing van de totale schuldenlast wel mogelijk is, maar niet onder voor hen aanvaardbare condities. Verzoekers hebben toegelicht dat zij, gelet op hun persoonlijke omstandigheden, met twee kleine kinderen inwonend bij de moeder van verzoeker, binnen maximaal drie jaar van de schulden af willen zijn, teneinde zo spoedig mogelijk zelfstandige woonruimte te kunnen betrekken. Deze persoonlijke wens van verzoekers, kwalificeert niet als een bijzondere omstandigheid, zodat daaraan wordt voorbij gegaan.
Gelet op hetgeen in het voorgaande is overwogen zal het verzoek worden afgewezen.
De beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Gewezen door mr. J.A.M. van den Berk en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
19 mei 2009 in tegenwoordigheid van de griffier.