ECLI:NL:RBDOR:2009:BK4879
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot vernietiging arbitraal eindvonnis in maatschapsgeschil tussen broers
Partijen, broers die samen een melkveehouderij exploiteerden, kwamen in geschil over de ontbinding en verdeling van de maatschap na het overlijden van hun vader. Een scheidsgerecht deed meerdere tussenvonnissen en een eindvonnis waarin het bedrijf aan één partij werd toegewezen met financiële afwikkeling.
Eiser vorderde vernietiging van het arbitrale eindvonnis op grond van strijd met de openbare orde, het niet naleven van de opdracht en ondeugdelijke motivering, met name omdat het scheidsgerecht was teruggekomen op eerdere bindende beslissingen en het recht van hoor en wederhoor zou zijn geschonden.
De rechtbank oordeelde dat de gronden voor vernietiging niet zijn aangetoond. Het scheidsgerecht mocht terugkomen op voorlopige beslissingen, het recht van hoor en wederhoor was voldoende gewaarborgd en de motivering was toereikend. Ook was de waardering van onroerende zaken niet onredelijk of onverklaard.
De vordering tot vernietiging werd daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt de terughoudendheid van de rechter bij toetsing van arbitrale vonnissen en benadrukt het belang van een effectieve arbitrale rechtspleging.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vernietiging van het arbitrale eindvonnis af en veroordeelt eiser in de proceskosten.