ECLI:NL:RBDOR:2009:BK7314
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verlenging vrijstelling en instandhoudingstermijn bouwvergunning tijdelijke woonunits
De Stichting had een vrijstelling en bouwvergunning gekregen voor tijdelijke woonunits op het perceel Sandelingen 50 te Zwijndrecht. De vrijstelling en instandhoudingstermijn waren aanvankelijk voor drie jaar verleend, met een maximale termijn van vijf jaar mogelijk. Verweerder verlengde de termijn met twee jaar, mede gebaseerd op een huurovereenkomst en planning voor verwijdering van de units.
Eisers betwistten deze verlenging, stellende dat de vereiste vergunning van het College bouw zorginstellingen (Cbz) niet was verleend en dat de planning onrealistisch was. De rechtbank oordeelde dat verweerder ten onrechte voorbij was gegaan aan het ontbreken van de Cbz-vergunning en onvoldoende onderzoek had gedaan naar de haalbaarheid van de planning. De rechtbank stelde dat de verlenging niet kon worden toegestaan zonder concrete, objectieve gegevens die het tijdelijke karakter van de bouwwerken bevestigen.
De rechtbank vernietigde daarom de besluiten tot verlenging van de vrijstelling en instandhoudingstermijn. Tevens werd verweerder verplicht het betaalde griffierecht aan eisers te vergoeden. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het geschil spitste zich toe op de toepassing van artikel 17 van Pro de WRO en artikel 19 van Pro het BRO 1985, waarbij de rechter de rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgde.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten tot verlenging van de vrijstelling en instandhoudingstermijn van de bouwvergunning wegens ontbreken van concrete, objectieve gegevens die het tijdelijke karakter bevestigen.