ECLI:NL:RBDOR:2010:BM1307
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling relatiebeding na beëindiging arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische omstandigheden
Werknemer heeft tien jaar geleden zijn verzekeringsportefeuille verkocht aan een rechtsvoorgangster van de werkgever en trad toen in dienst. In de arbeidsovereenkomst is een relatiebeding opgenomen dat na beëindiging van de arbeidsovereenkomst geldt.
De arbeidsovereenkomst eindigde na toestemming van het UWV wegens bedrijfseconomische redenen. Werknemer vordert in kort geding vernietiging of schorsing van het relatiebeding wegens onredelijkheid en zware impact op zijn arbeidskeuze, mede omdat hij gespecialiseerd is in een nichemarkt met weinig werkgevers.
De kantonrechter oordeelt dat het relatiebeding rechtsgeldig is en dat de werkgever een gerechtvaardigd belang heeft bij bescherming van haar zakelijke relaties, mede gezien de aanzienlijke investering in de portefeuille. Werknemer mag wel het deel van de markt bedienen dat niet via de werkgever loopt.
Het belang van de werkgever weegt zwaarder dan het nadeel voor de werknemer, ook omdat het relatiebeding niet het gehele marktsegment beperkt. De vorderingen worden afgewezen en werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen tot vernietiging of schorsing van het relatiebeding worden afgewezen en werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.