ECLI:NL:RBDOR:2011:BQ4744
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ontslag leerling-verpleegkundige UMC
Verzoekster, een leerling-verpleegkundige bij het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMC), werd ontslagen per 1 maart 2011 op grond van artikel 12.11 CAO-UMC vanwege het niet overgaan naar het derde leerjaar van de BOL en het niet melden van een negatief studieadvies. Verzoekster betwistte het besluit en stelde dat zij te goeder trouw had gehandeld en dat het ontslagbesluit onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd was.
De voorzieningenrechter overwoog dat het ontbreken van het overgangsbewijs en het verzwijgen van het negatieve studieadvies aanstellingsvoorwaarden waren die verzoekster had moeten naleven. Hoewel het besluit gebreken vertoonde, zoals het ontbreken van een gespreksverslag en een onjuiste opzegtermijn, achtte de rechter deze gebreken niet voldoende om het ontslagbesluit voorlopig buiten werking te stellen.
Verzoekster had nog de mogelijkheid om haar bezwaren in de bezwaarprocedure naar voren te brengen en gehoord te worden. De rechtbank concludeerde dat het ontslagbesluit in bezwaar in stand kon blijven en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het ontslag van de leerling-verpleegkundige wordt afgewezen.