ECLI:NL:RBDOR:2011:BQ7241
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing tweede conservatoir beslag wegens onvolledig beslagrekest en onvoldoende zekerheid bankgarantie
In deze civiele zaak vordert eiseres de opheffing van twee conservatoire beslagen die door gedaagde zijn gelegd in verband met een geschil over de koop van aandelen in Amartech B.V. en Amartech International B.V. Het eerste beslag, gelegd in 2008, blijft gehandhaafd omdat de aangeboden bankgarantie onvoldoende zekerheid biedt. Het tweede beslag, gelegd in april 2011, wordt opgeheven omdat het beslagrekest onvolledig en misleidend was, doordat relevante feiten en eerdere procedures niet werden vermeld.
De rechtbank overweegt dat het tweede beslag niet voldoet aan de eisen van artikel 21 Rv Pro, omdat het niet alle relevante lopende of beëindigde procedures vermeldt die van belang zijn voor een goede beoordeling. Verder is de vordering waarop het tweede beslag is gebaseerd summierlijk ondeugdelijk. De rechtbank wijst het verzoek tot opheffing van het eerste beslag af, omdat de bankgarantie volgens het Rotterdams model pas na een definitieve uitspraak kan worden uitgekeerd, wat onvoldoende zekerheid biedt.
De rechtbank bepaalt dat gedaagde bij toekomstige verzoeken tot conservatoir beslag volledige informatie moet verstrekken over alle relevante procedures en eerdere beslagen, onder verbeurte van een dwangsom van €100.000. De proceskosten worden gecompenseerd omdat partijen op verschillende punten in het ongelijk zijn gesteld.
Uitkomst: Het tweede conservatoir beslag wordt opgeheven wegens onvolledig beslagrekest, het eerste beslag blijft gehandhaafd wegens onvoldoende zekerheid bankgarantie.