ECLI:NL:RBDOR:2011:BR4859
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling depotopbrengst verkoop woning onder beslagleggers en hypotheekhouders
De rechtbank Dordrecht heeft op 10 augustus 2011 uitspraak gedaan over de verdeling van de in depot gehouden netto-opbrengst van de vrijwillige verkoop van een woning onder verschillende beslagleggers en houders van derde en vierde hypotheekrechten.
De procedure betrof meerdere partijen, waaronder eisers die vorderingen hadden op de voormalige eigenaren van de woning en gedaagden waaronder een vennootschap en natuurlijke personen. Belangrijke punten waren de bewijslevering omtrent de bekendheid van een vordering vóór faillissement en de vraag of bepaalde vorderingen uit het depot voldaan konden worden onder opschortende voorwaarden.
De rechtbank oordeelde dat de vordering van een partij (gedaagde 4) onder de opschortende voorwaarde dat deze vordering onherroepelijk wordt vastgesteld en de executoriale titel aan de schuldenaar wordt betekend, uit het depot kan worden voldaan. De overige vorderingen van maatschappen en hypotheekhouders werden begroot en toegewezen, met inachtneming van wettelijke rente en proceskosten. De kosten van de notarissen als depothouders werden erkend en uit het depot voldaan.
Proceskosten werden verdeeld waarbij de grotendeels in het ongelijk gestelde partijen werden veroordeeld tot betaling van de kosten aan de zijde van de eisers. De subsidiaire vorderingen en incidentele conclusies werden deels afgewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de verdere verdeling van het depot wordt geregeld met machtigingen aan de depothouders.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt de verdeling van depotgelden met toewijzing van vorderingen onder opschortende voorwaarden en veroordeelt partijen in proceskosten.