ECLI:NL:RBDOR:2011:BS1170
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Handhaving concurrentiebeding en nevenwerkzaamhedenverbod in arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat de geldigheid en handhaving van een concurrentiebeding en een nevenwerkzaamhedenverbod centraal tussen Opinity B.V. en haar werknemer. Partijen sloten mondeling een arbeidsovereenkomst, waarbij de schriftelijke bevestiging per e-mail werd gegeven. De werknemer zegde vlak voor aanvang van de werkzaamheden op, waarna Opinity een vordering instelde tot staking van werkzaamheden voor een derde partij en handhaving van het concurrentiebeding.
De rechtbank oordeelt dat de opzegging tijdens de proeftijd rechtsgeldig is, mede omdat aan het schriftelijkheidsvereiste van het concurrentiebeding is voldaan door de e-mailcorrespondentie. Er is geen sprake van overtreding van het nevenwerkzaamhedenverbod. Wel is vastgesteld dat de werknemer werkzaamheden verricht voor een relatie van Opinity, waardoor het concurrentiebeding van toepassing is.
Opinity heeft een spoedeisend belang bij handhaving van het concurrentiebeding omdat zij schade lijdt door het mislopen van een opdracht. De rechtbank gelast de werknemer om de werkzaamheden voor de derde partij te staken tot januari 2012 en legt een dwangsom op bij overtreding. De proceskosten worden aan de werknemer opgelegd.
Uitkomst: De werknemer wordt gelast de werkzaamheden voor IT-Staffing te staken tot januari 2012 en veroordeeld tot betaling van een dwangsom en proceskosten.