ECLI:NL:RBDOR:2011:BT2323
Rechtbank Dordrecht
- Wraking
- R.R. Roukema
- E.D. Rentema
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens te late indiening en gebrek aan gegronde vrees voor partijdigheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter wegens vermeende partijdigheid en het niet respecteren van zijn procesrechten. Hij verwees naar eerdere ervaringen uit 1992, maar de gewraakte rechter was pas sinds 2008 in functie, waardoor die grond verviel.
De wrakingskamer oordeelde dat het verzoek te laat was ingediend, aangezien het wrakingsverzoek pas bijna drie maanden na de zitting van 17 mei 2011 werd ingediend, terwijl het verzoek volgens artikel 37 Rv Pro direct na bekendwording van de feiten had moeten worden gedaan.
Zelfs als het verzoek tijdig was geweest, zou het zijn afgewezen omdat de rechter niet dezelfde was als in 1992 en verzoeker voldoende gelegenheid had gekregen zijn standpunten te uiten tijdens de zitting die leidde tot een schikking. De rechtbank verklaarde het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening en gebrek aan gegronde vrees voor partijdigheid.