ECLI:NL:RBDOR:2011:BT8636
Rechtbank Dordrecht
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring klaagschrift tegen conservatoir beslag in strafrechtelijk financieel onderzoek
Klaagster heeft bij de rechtbank Dordrecht een klaagschrift ingediend tegen het conservatoir beslag op een tegoed op een bankrekening in Marokko, gelegd na een Nederlands rechtshulpverzoek. Het beslag werd gelegd in het kader van een strafrechtelijk financieel onderzoek (SFO) dat verband houdt met verdenkingen van witwassen en uitkeringsfraude.
Klaagster stelde dat het beslag onrechtmatig was omdat het niet was gelegd binnen het SFO van de onderliggende strafzaak met het betreffende parketnummer en dat de vereiste schriftelijke machtiging van de rechter-commissaris ontbrak. De officier van justitie stelde dat een SFO niet beperkt is tot een specifiek parketnummer, maar is gebaseerd op de verdenking waarop het onderzoek is gestoeld.
De rechtbank oordeelde dat het SFO nog steeds loopt en dat het beslag rechtmatig is gelegd op grond van artikel 94a van het Wetboek van Strafvordering zonder dat een nieuwe machtiging vereist is. Gezien de verdenking van witwassen, waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd, acht de rechtbank het niet hoogst onwaarschijnlijk dat een geldboete of ontnemingsmaatregel zal volgen. Het klaagschrift werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het klaagschrift tegen het conservatoir beslag op het tegoed is ongegrond verklaard en het beslag is rechtmatig.