ECLI:NL:RBDOR:2011:BU1930
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over indicatie individuele begeleiding op grond van AWBZ
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het CIZ inzake zijn indicatie voor zorg op grond van de AWBZ. Na eerdere besluiten en intrekkingen heeft het CIZ een indicatie toegekend voor verblijf langdurig klasse 7, persoonlijke verzorging klasse 3, begeleiding groep klasse 9 en begeleiding individueel klasse 3. Eiser betoogt dat deze indicatie onvoldoende is, met name voor de individuele begeleiding, gezien zijn autistische stoornis en obsessief-compulsieve stoornis.
De rechtbank oordeelt dat het CIZ terecht een indicatie op grond van functies en klassen heeft toegekend, maar dat het standpunt over de individuele begeleiding onvoldoende gemotiveerd is. Hoewel de indicatie voor begeleiding in groepsverband maximaal is toegekend, had het CIZ nader onderzoek moeten doen naar de benodigde individuele begeleiding en dit moeten motiveren.
Daarom wordt het onderzoek heropend en krijgt het CIZ zes weken de tijd om het gebrek in het besluit te herstellen door een nadere motivering en eventueel aanpassing van de indicatie voor individuele begeleiding. De rechtbank zal daarna bepalen hoe het beroep verder wordt behandeld.
Uitkomst: De rechtbank stelt het CIZ in de gelegenheid de indicatie voor individuele begeleiding nader te onderzoeken en te motiveren binnen zes weken.