ECLI:NL:RBDOR:2012:BV3570
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid voor terugbetaling lening ondanks finale kwijting aan vennootschap
De rechtbank Dordrecht behandelde een geschil over de terugbetaling van een lening van €100.000 die eiseres aan gedaagde en aan vennootschappen had verstrekt. Gedaagde betwistte de lening en stelde dat sprake was van een participatie, en voerde aan dat hij finale kwijting had ontvangen via een intentieverklaring bij de verkoop van aandelen.
Uit getuigenverklaringen en overgelegde stukken bleek dat tussen partijen in januari 2007 een leningsovereenkomst tot stand was gekomen met afspraken over rente en aflossing. De intentieverklaring verleende finale kwijting aan de vennootschap Vivo-Biss, maar niet aan gedaagde persoonlijk. De rechtbank oordeelde dat gedaagde niet mocht vertrouwen op kwijtschelding van zijn schuld.
Daarnaast werd vastgesteld dat gedaagde ook een bedrag van €3.500 contant had geleend en dit niet betwistte. De vorderingen van eiseres werden grotendeels toegewezen, inclusief rente en proceskosten. De vordering van gedaagde tot vergoeding van juridische kosten werd afgewezen.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot terugbetaling van de lening met rente en de bijkomende kosten, en wees het meer of anders gevorderde af. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde is hoofdelijk aansprakelijk en veroordeeld tot terugbetaling van €100.000 met rente en kosten.