ECLI:NL:RBDOR:2012:BW0812
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing last onder dwangsom wegens onvoldoende onderbouwing categorisering bedrijf
Verzoeker exploiteert een bedrijf op een perceel met bestemming 'Bedrijfsvoering' waar alleen categorie 1 en 2 bedrijven zijn toegestaan volgens de Staat van Inrichtingen. Verweerder heeft een last onder dwangsom opgelegd om de bedrijfsactiviteiten te staken omdat het bedrijf niet voorkomt in de Staat van Inrichtingen en volgens verweerder een categorie 3.2-bedrijf is, waardoor geen omgevingsvergunning voor strijdig gebruik kan worden verleend.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft onderbouwd waarom het bedrijf als categorie 3.2 moet worden getypeerd en dat het eerdere advies van de milieudienst dat het bedrijf een categorie 2-bedrijf zou zijn, niet is weerlegd. Verweerder heeft ook niet duidelijk gemaakt of hij bereid is een omgevingsvergunning te verlenen als het bedrijf als categorie 2 wordt beschouwd.
Verzoeker heeft een akoestisch onderzoek overlegd waaruit blijkt dat de geluidhinder niet boven die van een categorie 2-bedrijf uitkomt en heeft betoogd de bedrijfsvoering zo nodig aan te passen. Gelet hierop en het feit dat verweerder jarenlang de indruk heeft gewekt dat het bedrijf was toegestaan, is het bestreden besluit onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe, schorst het bestreden besluit tot zes weken na de beslissing op bezwaar, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het geschil spitst zich toe op de redelijkheid van de categorisering en de mogelijkheden tot legalisatie.
Uitkomst: Het bestreden handhavingsbesluit wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar.