ECLI:NL:RBDOR:2012:BX1135

Rechtbank Dordrecht

Datum uitspraak
27 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
98477 / KG RK 12-189
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 438 lid 4 RvArt. 9.6 huishoudelijk reglement huurovereenkomst
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitleg vonnis over verwijdering papegaai met kooi uit winkelcentrum

De zaak betreft een verzoek van een gerechtsdeurwaarder om uitleg van een eerder vonnis van de kantonrechter. Dit vonnis verplichtte de huurder, [belanghebbende 1], om een papegaai met kooi uit het Makado-Center te verwijderen. De vraag was of dit vonnis zo moest worden geïnterpreteerd dat de papegaai met kooi uit het gehele winkelcentrum of slechts uit de algemene ruimten verwijderd moest worden.

De rechtbank Dordrecht overwoog dat de grondslag van het oorspronkelijke vonnis was gebaseerd op artikel 9.6 van het huishoudelijk reglement behorend bij de huurovereenkomst, dat uitstallingen buiten het gehuurde in de openbare ruimte verbiedt zonder toestemming. Dit betekende dat de verwijdering zich beperkte tot de openbare ruimten van het winkelcentrum, niet de winkelruimte zelf.

Hoewel ING stelde dat de papegaai zich na betekening van het vonnis toch in de openbare ruimte had begeven, achtte de voorzieningenrechter dit geen relevantie voor de uitleg van het vonnis. De rechter wees het verzoek van de deurwaarder toe en bepaalde dat het vonnis zo moet worden gelezen dat de papegaai met kooi slechts uit de algemene ruimten van het Makado-Center verwijderd moet worden.

Uitkomst: Het vonnis moet zo worden gelezen dat de papegaai met kooi slechts uit de algemene ruimten van het Makado-Center verwijderd moet worden.

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT
Sector civiel recht
zaaknummer: 98477 / KG RK 12-189
beschikking van de voorzieningenrechter van 27 juni 2012
[X] gerechtsdeurwaarder
gevestigd te Rotterdam,
verzoeker,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ING Winkels Bewaarmaatschappij B.V.,
woonplaats kiezende te Rosmalen,
verweerder
gemachtigde: mr. E.E.W. Danen,
en als belanghebbende
[belangdhebbende 1], h.o.d.n. [S] Juwelier,
wonende en zaakdoende te Alblasserdam,
gemachtigde: mr. J.L. van der Wal.
Partijen worden hierna aangeduid als [X gerechtsdeurwaarder], ING en [belanghebbende 1].
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 8 juni 2012;
- de mondelinge behandeling van 20 juni 2012, waarbij [X gerechtsdeurwaarder] en ING pleitnotities hebben overgelegd.
2. Het verzoek
2.1 [X gerechtsdeurwaarder] heeft een verzoek ex artikel 438 lid 4 Rv Pro gedateerd 31 mei 2012 ingediend.
2.2 De rechtbank Dordrecht, sector kanton, heeft [belanghebbende 1] als gedaagde van ING bij vonnis van 29 maart 2012 veroordeeld om op straffe van een dwangsom binnen drie dagen na betekening van het vonnis “de papegaai alsmede haar kooi uit het Makado-Center te Alblasserdam te verwijderen en verwijderd te houden.” Dit vonnis is door [X gerechtsdeurwaarder] op 12 april 2012 aan [belanghebbende 1] betekend. Op verzoek van ING heeft [X gerechtsdeurwaarder] op 20 april 2012 een proces-verbaal van constatering opgemaakt, inhoudende dat de kooi en de papegaai zich thans nog in de winkel van [belanghebbende 1] in het Makado-Center bevinden. ING heeft [X gerechtsdeurwaarder] naar aanleiding van die constatering verzocht om [belanghebbende 1] aan te zeggen dat hiermee niet is voldaan aan de inhoud van het vonnis van 29 maart 2012 en dat er inmiddels dwangsommen zijn verbeurd.
2.3 [X gerechtsdeurwaarder] meent dat hij het verzoek van ING niet kan uitvoeren, omdat het vonnis met de verwijdering van de papegaai met kooi uit de openbare ruimte van het Makado-Center naar de door [belanghebbende 1] gehuurde winkelruimte voldoende is nagekomen. [X gerechtsdeurwaarder] verzoekt de voorzieningenrechter dan ook te beslissen of in het vonnis van de kantonrechter van 29 maart 2012 moet worden gelezen dat de papegaai met kooi uit het gehele Makado-center of uit de algemene ruimten van het Makado-center verwijderd moet worden.
2.4 ING voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
3. De beoordeling
3.1 De grondslag van de vordering zoals deze bij dagvaarding door ING in de procedure bij de sector kanton is omschreven is het handelen in strijd met artikel 9.6 van het huishoudelijk reglement behorend bij de tussen partijen geldende huurovereenkomst. In dat artikel is opgenomen: ‘Het is huurder niet toegestaan om buiten het gehuurde enige uitstalling te hebben of in stand te (doen) houden, tenzij uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van verhuurder, tot maximaal 1 meter vanaf de gevel worden uitstallingen getolereerd mits uitstallingen geen hinder veroorzaken. (…)’
3.2 Het gaat blijkens de tekst van dat artikel om uitstallingen buiten het gehuurde in de openbare ruimte van het Makado-Center. De rechtbank Dordrecht, sector kanton, heeft deze grondslag terecht als basis voor het vonnis beschouwd en kon daar niet buiten treden, zonder dat ING haar grondslag had gewijzigd, wat niet is geschied. Met de uitvoering van het vonnis zoals door [belanghebbende 1] gedaan, is daarmee dus voldaan aan hetgeen ook ING blijkens haar grondslag toen wenste en mocht verwachten. Het verweer van ING dat het vonnis heeft beoogd de uitstraling van het winkelcentrum te bevorderen en dat dit impliceert dat verwijdering uit het centrum de enige juiste maatregel is, kan daar niet aan afdoen.
3.3 ING heeft ter zitting aangevoerd dat de papegaai na betekening van het vonnis van 29 maart 2012 meerdere malen de kooi en de winkel is uit gelopen en zich daardoor toch weer in de openbare ruimte heeft bewogen. [belanghebbende 1] heeft zich, aldus ING, zodoende ook toen nog steeds niet gehouden aan het vonnis van 29 maart 2012. Deze nieuwe feiten en omstandigheden kunnen echter geen rol spelen in deze procedure, waar het immers gaat om een verzoek van de executerende deurwaarder om de draagwijdte van een eerder gewezen vonnis uit te leggen. Dat [belanghebbende 1] zich blijkbaar niet realiseert dat hij met dergelijke overtredingen van het vonnis alsnog dwangsommen en/of boetes verbeurt of inmiddels heeft verbeurd, ligt hier niet ter toetsing voor. Daar staan ING andere middelen voor ten dienste.
3.4 De voorzieningenrechter zal het verzoek van [X gerechtsdeurwaarder] derhalve toewijzen.
4. Beslissing
De voorzieningenrechter:
bepaalt dat het vonnis van de kantonrechter van 29 maart 2012 aldus moet worden gelezen dat de papegaai met kooi slechts uit de algemene ruimten van het Makado-Center verwijderd moet worden.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.D. Rentema en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 juni 2012.