ECLI:NL:RBDOR:2012:BX9134
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verhuizing minderjarige vanwege belang continuïteit zorgregeling
De rechtbank Dordrecht behandelde een geschil tussen gescheiden ouders over de voorgenomen verhuizing van de moeder met hun minderjarige dochter naar Apeldoorn. De moeder stelde dat de vader had ingestemd met de verhuizing, maar de vader betwistte dit en onthield zijn toestemming. De rechtbank stelde vast dat geen onvoorwaardelijke en ondubbelzinnige instemming van de vader was gegeven.
De moeder verzocht primair om een verklaring voor recht dat de vader instemde met de verhuizing, en subsidiair om vervangende toestemming voor de verhuizing en aanpassing van de zorgregeling. De vader verzocht het verzoek af te wijzen en de huidige zorgregeling te handhaven.
De rechtbank overwoog dat de moeder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat verhuizing noodzakelijk was en dat zij onvoldoende had onderbouwd waarom haar werk niet anderszins te combineren was met de zorg voor het kind. De rechtbank benadrukte het belang van het kind bij een stabiele en vertrouwde leefomgeving en het behoud van contact met de vader.
Gelet op de belangenafweging oordeelde de rechtbank dat het belang van de minderjarige bij continuïteit en contact met de vader zwaarder weegt dan het belang van de moeder bij verhuizing. Daarom werd het verzoek tot verhuizing en wijziging van de zorgregeling afgewezen en bleef de bestaande regeling in stand. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Verzoek tot verhuizing met minderjarige naar Apeldoorn wordt afgewezen en huidige zorgregeling blijft in stand.